Nieuws

05 FEB 2015

"Online heb je niet door dat je echt geld verliest"

online gokken

Zo'n 150.000 Belgen die weleens een gok wagen, raken in de problemen. Online zijn in ons land al 1 miljoen spelers geregistreerd. Gokwebsites doen gouden zaken en de overheid verdient mee. Controles zijn ondermaats...

Intussen werd de Kansspelcommissie ook door de hulpverlening aangesproken op het groeiende succes van onlinegokken. De Vereniging voor Alcohol en andere Drugproblemen (VAD) sloeg al in 2013 expliciet alarm. Gokwebsites hebben een lagere drempel, spelers vergeten sneller dat ze met echt geld bezig zijn en de operatoren maken agressiever reclame.

Lees het verhelderend artikel van Wouter Woussen dat verscheen in De Standaard (pdf)

Meer informatie over gokken en online zelfhulp van je op onze website Gokhulp.be 

03 FEB 2015

Provinciaal vormingsaanbod preventie

impulsdag jongeren maart 2015

Naast de preventieve werking in de Limburgse gemeenten, doet de preventiedienst van de CAD Limburg in 2015 ook een provinciaal aanbod naar een aantal sectoren en doelgroepen:

Provinciale studiedag lokale besturen 17 maart

Het gebruik van alcohol en drugs zorgt voor bijkomende risico’s op de werkvloer. Gezondheid, welzijn, veiligheid en arbeidsrelaties kunnen eronder te lijden. In de privésector verplicht CAO 100 de werkgever om aandacht te geven aan dit thema. In de openbare sector is de nood aan een duidelijk alcohol- en drugbeleid niet minder groot. Op deze studiedag willen we jullie inspireren voor een preventieve aanpak. k926329193e4843327l809210156l493665752y532464694.474150391j2141835256a1959463553c1536205189o371211923b762400797s1289476472@1376403246c51514475a1092461235d1605541385l696110454i1208658168m302654612b1445965855u1938490733r653215742g338382880.1207191056b909301797e960751681

Provinciale impulsdag jongerenwerkers 24 maart

Soms kom je als jongerenwerker voor uitdagingen te staan en weet je niet direct wat je moet doen. Tijdens deze impulsdag worden er aan de hand van workshops handvatten aangereikt aan professionele jongerenwerkers en worden antwoorden gegeven op vragen waar zij mee zitten. wannes.broux@cadlimburg.be

Provinciale studiedag gamen 31 maart

Een boeiende en laagdrempelige (en bovendien gratis) kennismakingsavond voor ouders over de games die hun kinderen en jongeren spelen. Na deze avond zal je een beter zicht hebben op wat deze kinderen en jongeren allemaal gamen en waarom dit zo aantrekkelijk voor hen is. Hiernaast zal je beter weten hoe je als ouder met deze ‘hobby’ kan omgaan. d1569359590i2045042911m393607650i43282916t1697124333r1319936843i48126244.358850841d1813602596a580590938s833001232@1807954204c392570843a221722773d31682479l1154971641i1511199246m1408085725b1206486116u456176833r866143462g1902596570.1664835002b1168798075e1201078777

Impulsdag BUSO 22 april

Op deze impulsdag kunnen leerkrachten BUSO kennismaken met het kader van gezondheids- en drugbeleid op school, kennismaken met materialen rond tabakspreventie, aandacht voor KOPP en KOAP, kennismaken met de leerlijn drugpreventie BUSO en bijhorende materialen ontdekken e1455842087v1822013817i1539461658.515549495b583831966o352729691g2084909085a481391229e746337341r2128192002t31031914s2066274184@28834598c389882756a1732393132d609425536l1222883988i1392863688m1001996380b1444606762u1424546168r9484373g808322360.685148245b1215970489e1264499193

Provinciale impulsdag voor de bijzondere jeugdzorg 26 mei

In Samenwerking met drugslink organiseren we een impulsdag in het kader de VAD-methodieken ‘iedereen drinkt, iedereen blowt’, ‘Crush’, ‘SEM-J’ en ‘BackPAC’. e1551291708l971083411l781850547e572606135n24678540.90208986g247136304i1564140198b605758482n830968270e1916869889y543183919@1312359500c515723582a523892273d1343391414l434514119i552726871m1733274170b19423603u1162152408r808674511g1412287292.16665140b105797625e689349812

Provinciale impulsdag Lager onderwijs op 3 juni

In samenwerking met het Logo Limburg organiseren we op 3 juni een impulsdag waar o.a. het lespakket rond gamen ‘vlucht naar avatar’ wordt toegelicht. w26149513a914119985n1374498057n1242120002e31135530s778306117.65719765b812986078r1350912252o90398305u903195064x1598048556@1654538504c1508953546a281533179d1423924745l2052137466i1593892679m1939648328b428546091u789800445r226678799g981272963.375590968b246102402e2143425371

30 JAN 2015

Serious game SKILLVILLE

skillville

De Universitaire Campus Leuven Limburg ( voorheen KHLIM) werkte de afgelopen jaren aan het educatief game SKILLVILLE. 

SKILLVILLE is een multimediatool of serious game dat leerlingen/volwassenen levensvaardigheden aanleert. De ruggengraat van SKILLVILLE wordt gevormd door financiële educatie. Andere sleutelcompetenties: techniek, wetenschappen, moderne vreemde talen, sociale en burgerschapscompetenties, creativiteit en ondernemingszin, sociaal-emotionele ontwikkeling en relationele vaardigheden, die invloed kunnen hebben op de financiële geletterdheid worden tevens mee aangeboden en gerealiseerd.

 SKILLVILLE biedt daarnaast ook een pakket rond universele Tabak-, alcohol- en drugpreventie aan, toepasbaar en op maat van de 1ste, 2de en 3de graad secundair onderwijs.

Alcohol- tabak- en drugsgebruik kunnen in verschillende graden en vormen de financiële situatie van jongeren en volwassenen beïnvloeden. Ze beïnvloeden ook rechtstreeks de fysieke en de mentale gezondheid. Fysieke en mentale gezondheid maken ook deel uit van de vakoverschrijdende eindtermen. Ze behoren dus zeker tot de levensvaardigheden waar leerlingen mee opgeleid moeten worden.

 Het materiaal kadert binnen een algemene beleidsmatige aanpak. Voor alcohol en andere drugs is dit het concept van een ‘Drugsbeleid Op School’, waarmee de school op een beleidsmatige manier werkt rond alcohol- en andere drugs.

 Het pakket rond Tabak, alcohol en drugs focust op gezondheidseducatie met als doel leerlingen kunnen aanzetten om zich “bewust, weloverwogen en verantwoordelijk te gedragen”. Het kunnen inschatten van grenzen, wat is aanvaardbaar wat niet en hoe hier verantwoord mee kunnen omgaan is de doelstelling. Een correcte beeldvorming aangaande alcohol, tabak en cannabis is noodzakelijk (Gezondheidsbeleid op school, n.d.; VLOR, n.d.).

Meer info en een demoversie vind je op skillville.be, voor de ondersteuning bij een Drugbeleid op school kan u beroep doen op de preventiedienst van de CAD Limburg.

 DFR

30 DEC 2014

Het afscheidsinterview met Marcel Vanhex

Marcel Vanhex

Na ongeveer 30 jaar aan het roer te staan van de CAD Limburg verlaat de kapitein zijn schip.

Deze week trekt hij, zoals het zelf zegt, de deur van de CAD definitief achter zich dicht na 32 jaar trouwe dienst. We wilden dan ook graag even de tijd nemen om stil te staan bij die afgelopen drie decennia. Een periode waarin maatschappelijk engagement, actie en ‘poeier’ de rode draad vormen.

Hoe is het allemaal begonnen?

Ik ben eigenlijk eerder toevallig bij de CAD Limburg terechtgekomen. Ik werkte eerst bij de Wereldscholen en nadien als Nationaal secretaris bij de KAJ. Mijn ambitie was om aan de slag te gaan bij de christelijke arbeidersbeweging  (ACW). Maar een aantal hooggeplaatste ACV’ers zagen mij liever niet komen vanwege mijn  toenmalige engagementen in onder andere de Wereldscholen en een aantal sociale acties waaraan ik destijds deelnam. Ik had onder andere piket gestaan bij een niet erkende vakbondsactie bij Ford Genk en zat in de groep van de A24, een actiegroep tegen de aanleg van de expresweg A24 die dwars door natuurgebieden dreigde te lopen.

Mijn laatste wapenfeit bij de KAJ was de organisatie van de jongerenmars voor werk eind april 1982. Na de afgesproken periode van vier jaar bij de KAJ moest ik opzoek naar een andere job. Via een tewerkstellingsproject (Bijzonder Tijdelijk Kader, BTK) kon ik na vijf maanden werkloosheid als preventiewerker beginnen bij de CAD, wat toen nog het Consultatiebureau voor Alcohol- en andere Toxicomaniën heette (CBAT). Het is pas na een jaar of twee, drie dat ik door interne verschuivingen co-directeur ben geworden en enkele jaren later directeur. Er werkten toen 8 collega’s op de dienst.

Kan je kort je carrière op de CAD overlopen?

Eind jaren ’70 begin jaren 80 werd ook in Limburg de drugproblematiek zichtbaar.  Vooral de middenklasse  kreeg te maken met het drugfenomeen. We hadden het gevoel dat we de link met deze nieuwe problematiek aan het missen waren. Het was toenmalig collega Maurice Baptist die het straathoekwerk introduceerde als antwoord op dit fenomeen. We zijn in 1985 als eerste dienst in België gestart met straathoekwerk.

Midden jaren ‘80 ging de drugproblematiek zich ook enten op de kansarmoede, die hand in hand ging met de sluiting van de steenkoolmijnen.  Het is dan ook niet toevallig dat de eerste contracten met Genk en Maasmechelen werden afgesloten.  Nadat ons nieuw registratieonderzoek uitwees dat de drugproblematiek zich niet beperkte tot de mijnregio  sloten meerdere gemeenten samenwerkingsovereenkomsten af. Met BTK middelen zijn we in diezelfde periode gestart met het preventieteam.

In 1997 werden de Medische Sociale opvangcentra (MSOC) opgericht en startten in dezelfde periode, onder impuls van toenmalig Minister van Binnenlandse Zaken dhr. Louis Tobback, de Preventie en veiligheidscontracten in een aantal gemeenten.

In 2001 volgde dan de fusies van de CGG’s. De decretale CGG equipe van CAD fusioneerde met de VGGZ, met als onderlinge afspraak tussen de Raden van Bestuur van de VGGZ en CAD dat de ex-CAD  medewerkers verder functioneel zouden blijven deel uitmaken van het CAD CGG en preventieteam.

Als je terugkijkt op die 32 jaar wat zijn dan je grootste verwezenlijkingen?

Zelf heb ik niet zoveel verwezenlijkt… , wat ik als verwezenlijking beschouw is dat ik de juiste, geëngageerde mensen heb aangetrokken en die de ruimte en vrijheid heb gegeven om initiatief te nemen en dat te ontwikkelen. Vroeginterventie, online hulp, straathoekwerk,  Europeers, Take Care, Slimkicken, ons uitgebreid individueel en groepsaanbod en vele andere projecten/initiatieven werden ontwikkeld, uitgewerkt en gerealiseerd door creatieve en geëngageerde collega’s die ik heb kunnen ondersteunen via het geven van vrijheid en het zoeken van middelen.  Steunend op hun inzet, creativiteit en realisaties heb ik werkingsmiddelen kunnen mobiliseren.  Je kan geen dertig jaar gebakken lucht verkopen, er moet poeier achter zitten. De directeur moet voorwaardenscheppend zijn. Onze middelen  en personeel  zijn over de jaren heen gegroeid, van 8 naar meer dan 70 medewerkers.  Toch lopen we momenteel  tegen onze limieten aan en kunnen nog amper aan de maatschappelijke verwachtingen voldoen.

Wat waren de moeilijkste momenten?

Het methadondebat halverwege de jaren ’90 was een moeilijke discussie die uitgedraaid is op een personeelsconflict. Extern en intern was er heel wat discussie rond het middel methadon en het gebruik ervan binnen de verslaafdenzorg. Intern was er geen consensus over starten met methadon. Inhoudelijk stond ik achter het methadonproject als meededogen voor de zwaksten door de eisen niet altijd heel hoog te stellen. Niet alleen heroïneverslaafden hebben dagelijks een hulpmiddel (medicatie) nodig om de dag door te kunnen. Ik vond het provinciaal organiseren van een geïntegreerd methadonprogramma een opportuniteit die we niet mochten missen. Hadden we de opstart van het methadonprogramma gemist dan was de CAD nooit geworden wat het nu is.

Een andere moeilijke interne periode was onze beeldenstorm en het rookverbod. Onze stichter was een priester: Prof. B. Paesmans. Zoals zo vele sociale organisatie in Limburg  heeft ook de CAD diepe wortels in de Christelijke Caritas traditie. Samen met onze omgeving zijn ook wij geseculariseerd en hebben al jaren een pluralistisch profiel. Wel opletten!, “pluralisme” is een containerbegrip.  Voor sommigen betekent pluralisme ‘strijden tegen religiositeit’. In enkele toenmalige lokaaltjes hing nog een kruisbeeldje. Die moesten weg. Oké, maar we hadden ook een medewerkster die op haar kraag een kruisje had, dat moest dan ook weg. Een pijnlijke discussie die voor mij veel weg heeft gehad van wat later het hoofddoekenverbod is geworden.

Een andere moeilijk moment was het rookverbod. Er werd destijds overal en bijna door iedereen gerookt. We hebben het rookverbod pas kunnen invoeren dankzij de wetgever. Het was van moetens.

Een constante moeilijkheid is de onzekerheid rond de projectwerking. Eén derde van onze werking bestaat uit projectwerking. Dit ieder jaar opnieuw rondkrijgen veroorzaakte heel wat stress, natuurlijk in eerste instantie bij de betrokken medewerker, maar ook bij mezelf. De laatste drie, vier maanden waren in die zin ook weer moeilijk om alles gecontinueerd te krijgen voor 2015.

Wij hebben momenteel overeenkomsten met alle Limburgse lokale besturen. Ik heb altijd met alle politieke strekkingen kunnen samenwerken zonder echte problemen. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen was ik wat ongerust door het groot aantal wissels aan de macht. Maar ik moet zeggen dat dit met een grote loyaliteit naar de dienst is verlopen.

Ik heb trouwens een groot respect voor de inzet en het engagement van gemeentelijke mandatarissen. Als je bekijkt wat men moet doen voor het gemeentelijk mandaat; aantal avonden, weekends,... Ik zou het niet kunnen.

Deze week sla je, zoals je zelf zegt, de deur definitief achter je dicht. Wat ga je missen?

Ik denk dat ik het pas ga missen op het moment dat ik het kwijt ben. In eerste instantie de collega’s en het netwerk er omheen. Maar ik denk ook de blik op het ruimer geheel. Ik heb de 'chance' gehad om gedurende mijn hele beroepsloopbaan mijn maatschappelijk engagement  te kunnen vertalen in mijn job. Ik kon dit door mijn job in actie brengen. In actie brengen was voor mij directeur zijn, mensen stimuleren.

Onze dienst geeft prioriteit aan maatschappelijk kwetsbare groepen. We zijn onder andere georiënteerd naar armoede en kansarmoede. Dat is ook  mijn persoonlijke drive. En dat ga ik missen. Ik moet een andere weg vinden voor mijn maatschappelijke engagement. Ik heb daar een aantal ideeën over maar nog niets concreet. De voorbije maanden waren daar te druk voor en misschien zit ik nog wat in de ontkenning. Op pensioen gaan is toch een beetje een rouwproces.

Wat zijn voor jou de grootste uitdagingen voor de CAD de komende jaren?

De uitdaging voor de komende jaren, en dat is niet alleen voor de CAD zo, is de plaats en de ruimte van de categoriale zorg in Vlaanderen. In de beleidsbrief van de Minsister staat dat de organisatie van de verslaafdenzorg zal herbekeken worden. Eind 2015 organiseert de Minister een conferentie verslaafdenzorg. We zijn het aan onszelf verplicht om daar mee richting aan te geven. Onze dienst is een referentie organisatie in Vlaanderen. Dat biedt mogelijkheden maar ook verantwoordelijkheden. We moeten de ambitie hebben om mee de richting te geven aan de organisatie van de categoriale zorg in Vlaanderen.

Intern ligt de uitdaging om ons serieus te bezinnen over onze organisatie zodat die weer aangepast is aan onze eigen ontwikkeling. Ik denk dan aan de teamgrootte, de opsplitsing alcohol en andere drugs die voorbijgestreefd is, de organisatie van de zorg en preventie met onder andere de samenwerking met de Logo’s, meer inzetten op selectieve en geïndiceerde preventie, de uitdaging die er is rond armoede, … .  Kortom, binnen vijf of tien jaar ga je deze dienst meer herkennen!

We zitten als dienst in een zeer sterke uitgangspositie en er is veel potentieel aanwezig bij het personeel. We hebben een groot draagvlak bij de lokale besturen en de collega gezondheids- en welzijnsorganisaties. We hebben dus de troeven in de hand om te anticiperen op de maatschappelijk ontwikkelingen en die mee richting te geven in de richting waarin we geloven. Dat we momenteel op dit kruispunt staan, is ook de reden waarom ik één jaar vroeger stop. Ik wil niet iets op gang zetten om dan halverwege de rit uit te stappen.

Een zitje in de raad van bestuur?

Ik heb al mijn mandaten die gelieerd zijn aan de CAD opgezegd. Ik heb geen ambitie om een mandaat op te nemen in onze sector. Binnen de CAD hebben we destijds afgesproken dat je eerst 10 jaar moet afkicken vooraleer je eventueel  in de RvB kan terugkeren.

Wat staat er de volgende dagen nog in je agenda?

Ik wil nog een aantal dossiers afronden en een artikel afwerken over de reorganisatie van de verslavingszorg in Vlaanderen. We moeten de ontwikkelingen vooruit zijn.

Een laatste goede raad voor je collega’s op de CAD?

Vooruit blijven kijken en nadenken over onze toekomstige organisatie. Durf over het muurtje kijken!  Hoe is men elders georganiseerd, bijvoorbeeld in Rijsel of Dortmund. Mentaal tabula rasa durven maken over onze organisatie-structuur: directie, teams, overleggen,… . Eén van de manieren om dat te doen is te kijken hoe het elders loopt. Misschien is het oprichten van een VZW rond personeelsuitwisseling nog wel een goed idee (knipoog).

DFR

19 DEC 2014

Jongere leerlingen roken en drinken minder, meer aandacht nodig voor 16-plussers

VAD jongerenbevraging

Jaarlijks bundelt de VAD de resultaten van de leerlingenbevraging in een syntheserapport,representatief voor Vlaamse jongeren in het secundair onderwijs. Vandaag wordt het rapport van het schooljaar 2012-2013 gepresenteerd, waarin 30.592 leerlingen uit 67 verschillende scholen deel namen aan de bevraging. De resultaten liggen in de lijn van de vorige jaren.

Tabak: dalende trend zet zich niet door bij de oudste leerlingen

In 2012-2013 gaf 29,7% van de jongeren aan ooit gerookt te hebben. Dit cijfer bevestigt de dalende trend van tabaksgebruik onder jongeren. Voor de jongeren die wel rookten, kwam de eerste sigaret er gemiddeld op 14,5 jaar. Bij 28,1% was dat pas op 16 jaar of ouder. Bovendien daalt het ooitgebruik van tabak bij de 17-18-jarigen merkelijk trager dan in de andere leeftijdscategorieën.

17,3% van de 17-18-jarigen is een dagelijkse roker. Dit betekent dat er naast de preventieve programma’s ook nood is aan tabaksstopprogramma’s bij de oudere leerlingen.

Alcohol: scharnierleeftijd 16

Sinds 2009 ligt de wettelijke minimumleeftijd voor het kopen van alcohol (bier en wijn) op 16 jaar. Hoe verhoudt zich dit tot het gebruik in de realiteit? 51,6% van de min-16-jarigen heeft al ooit alcohol gedronken. Nog steeds de helft, maar het is alvast een sterke daling tegenover 76,7% in 2005-2006. Meer en meer jongeren onder de 16 zijn zich ook bewust van dat verbod op alcohol voor hun leeftijdsgroep. De VAD vroeg hen of zij gemakkelijk aan alcohol kunnen raken. 56,6% antwoordde positief. Drie jaar geleden, tijdens het schooljaar 2010/2011, was dat nog 64,6%. Ook zeggen meer en meer min-16-jarigen geen alcohol te drinken omdat dit voor hun leeftijd verboden is: in het schooljaar 2007/2008 gaf 30,3% dit als motief om niet te drinken, in 2012/2013 is dit gestegen tot 48,6%.

Deze positieve evolutie bevestigt het belang van een duidelijke wetgeving, controle en blijvende sensibilisering naar jongeren en hun omgeving, om de beginleeftijd van alcoholgebruik uit te stellen. 16 blijft wel een scharnierleeftijd. Er zijn weinig jongeren die pas later een eerste glas drinken. Bij jongeren tussen 16 en 18 jaar dronk 79,6% tijdens de laatste maand voor de bevraging, 34,3% drinkt regelmatig alcohol. In deze leeftijdscategorie is alcohol dus gemeengoed. Eén op tien geeft aan maandelijks minstens één keer meer dan zes glazen (voor jongens) of vier glazen (voor meisjes) op twee uur tijd te drinken. Jongeren sensibiliseren over occasioneel risicovol drinken blijft de komende jaren belangrijk.

Cannabis en illegale drugs

17,3% van de jongeren heeft ooit cannabis gebruikt, 10,5% gebruikte het afgelopen jaar. Hiermee zien we voor het derde jaar op rij gelijklopende cijfers. Wel verwachten meer en meer jongeren geen reactie van hun vrienden indien ze cannabis zouden proberen. In het schooljaar 2008/2009 verwachtte 71,8% dat hun vrienden het proberen van cannabis zou afkeuren, in 2012/2013 is dit gedaald tot 64,5%. Dit wijst op een groeiende normalisering van cannabisgebruik bij jongeren.

Andere illegale drugs blijven een eerder marginaal gegeven onder jongeren. 3,7% heeft ooit een andere illegale drug gebruikt, 1,7% gedurende het afgelopen jaar. De gemiddelde beginleeftijd voor illegale drugs ligt hoger dan voor alcohol of tabak, met 15,4 jaar voor cannabis en 16,3 jaar voor andere illegale drugs.

25 NOV 2014

Alle 44 Limburgse gemeenten tonen zich solidair

De lokale besturen in Limburg ondersteunen al decennia lang de hulpverlening aan personen met afhankelijkheidsproblemen.

In  1992 publiceerde CAD een nieuw registratieonderzoek naar de drugproblematiek in onze provincie. Daaruit bleek dat de geregistreerde drugproblematiek in 6 jaar tijd (het vorige registratieonderzoek dateerde van 1984) was verdrievoudigd en in alle Limburgse gemeenten aanwezig was. Het provinciebestuur riep daarop alle Limburgse lokale besturen  op om solidair een inspanning te doen om de drughulpverlening en preventie in onze provincie te versterken. Aan de lokale besturen werd een modelcontract voorgelegd waarbij CAD zich engageerde tot  ambulante zorg, een preventie en consultaanbod en de realisatie van een regionale antennes.  

Hernieuwd engagement

In 2013 lanceerde het Limburgs Steunpunt OCMW’s, onder voorzitterschap van Mevr. Nadja Vananroye, een nieuwe oproep aan alle lokale besturen om de lopende overeenkomst met de CAD, met enkele beperkte aanpassingen, te herbevestigen dan wel aan de nog niet aangesloten besturen een contract met de CAD af te sluiten. Dit alles gebeurde in een sfeer van bezuinigingen bij alle besturen.

38 lokale besturen hebben ondertussen de nieuwe overeenkomst ondertekend,  6 zullen dit eerdaags doen, maar hun huidige overeenkomst loopt zo wie zo verder volgend jaar, zodat we formeel kunnen stellen dat 44 van de 44 Limburgse lokale besturen voor volgend jaar een overeenkomst hebben met onze dienst.

Door de samenwerking met lokale besturen kon CAD een deskundige dienstverlening uitbouwen voor alle Limburgers, zowel preventief als curatief.

Inspelen op noden

CAD ondersteunt de eerste lijn in de opvang van personen met verslavingsproblemen (consult aan OCMW’s, CAW’s), bouwde voor de methadon-hulpverlening een netwerk uit van gemandateerde huisartsen, begeleidt cliënten die als alternatieve straf door justitie worden verwezen, werkt samen met de Algemene Ziekenhuizen en Psychiatrische Ziekenhuizen, organiseert het Case Management van de Crisisafdeling van de ZOL, ….

Vorig jaar werden 3.169 cliënten, komende uit alle Limburgse gemeenten, door onze dienst begeleid. In dat zelfde jaar organiseerden we 1.192 preventieactiviteiten. Met de door de lokale besturen ter beschikking gestelde middelen kan CAD  extra personeel inzetten, een netwerk van 10 kantoren runnen, nieuwe projecten realiseren, inspelen op acute behoeften (bv winteropvang in Hasselt en Genk). 

Herstappe 

Herstappe is voor ons het sluitstuk van een algemene Limburgse solidariteit en toont aan dat ook de kleinste gemeente daadwerkelijk wil en kan meewerken aan een actief, breed gedragen én geïntegreerd drugbeleid. Op dit moment staat in België de ambulante drughulpverlening en preventie zoals deze in onze provincie werd uitgebouwd, model.   Het zogenaamde ‘Limburgs model’.

 Dit resultaat kon maar gerealiseerd worden dank zij de solidaire reflex van de Limburgse beleidsverantwoordelijken. 

Meer lezen

MVH